De verleggingsregeling in de btw

10 februari 2020 - Martin Kuijpers

Als ondernemer brengt u in beginsel btw in rekening aan uw afnemer wanneer u een prestatie tegen vergoeding voor uw afnemer verricht. Deze btw moet u vervolgens aangeven in uw btw-aangifte en voldoen aan de Belastingdienst. In sommige situaties bent u als ondernemer echter verplicht de btw te verleggen naar uw afnemer. Verder kan het bij inkoopsituaties voorkomen dat de btw door een andere ondernemer naar u wordt verlegd. Door toepassing van de verleggingsregeling wordt de btw dus niet geheven bij de presterende ondernemer, maar bij degene aan wie de prestatie wordt verricht. Deze zogenoemde verleggingsregeling kan zowel in binnenlandse als buitenlandse situaties van toepassing zijn en zowel voor leveringen als voor diensten. 

Situaties – binnenland

Binnen Nederland bestaan een aantal specifieke situaties waarin de verleggings-regeling van toepassing is. Het gaat hierbij om een Nederlandse ondernemer die een van de onderstaande prestaties verricht aan een andere Nederlandse ondernemer. Hierbij kan onder meer worden gedacht aan:

  • Onderaanneming en uitlenen van personeel: de bouwsector heeft regelmatig te maken met de verleggingsregeling. Indien een  opdrachtgever bouw- of verbouw-ingswerkzaamheden wil laten uitvoeren, schakelt deze partij hiervoor vaak een aannemer in. Vaak voert een aannemer echter niet alle werkzaamheden met betrekking tot de bouw/verbouwing zelf uit, maar schakelt hiervoor één of meerdere onderaannemers in. De verleggingsregeling is van toepassing als een aannemer een onderaannemer inschakelt voor bepaalde werkzaamheden die de aannemer is overeengekomen met de opdrachtgever. De onderaannemer moet dan de btw verleggen naar de aannemer voor de door hem verrichte diensten. De aannemer is vervolgens verantwoordelijk voor de btw-afdracht en dient deze btw in de eigen btw-aangifte op te nemen. Op deze regeling bestaan diverse uitzonderingen (verleggingsregeling niet van toepassing) en bijzonderheden (verlegging indien opdrachtgever een ‘eigenbouwer’ is). Ook op het uitlenen van personeel dat wordt ingezet bij de uitvoering van bovenstaande werkzaamheden, is de verleggings-regeling van toepassing.

  • Levering onroerend goed: hoewel de levering van een onroerende zaak in veel gevallen vrijgesteld is van btw, is het onder voorwaarden mogelijk dat u als verkoper samen met de koper de keuze maakt voor een btw-belaste levering. Op deze situatie is de verleggingsregeling van toepassing (enkel indien op grond van de wet wordt gekozen voor een belaste levering).

  • Levering mobiele telefoons, chips, spelcomputers, laptops en tablets: Indien u één van deze soorten goederen levert aan een ondernemer voor een bedrag van € 10.000 (excl. btw) of meer per levering per soort goed, moet u de verleggings-regeling toepassen. Indien u dergelijke goederen inkoopt, zal de btw dus naar u verlegd moeten worden.

  • Telecommunicatiediensten: Indien een ondernemer aan een andere ondernemer telecommunicatiediensten aanbiedt, die de afnemer op zijn beurt ook weer doorverkoopt aan haar afnemers, is de verleggingsregeling verplicht van toepassing. Denk hierbij aan een ondernemer die dergelijke diensten aan een ziekenhuis aanbiedt, die ze weer doorfactureert aan patiënten.

Situaties – buitenland

Indien u als ondernemer diensten verricht aan een ondernemer in het buitenland, is deze dienst in beginsel belast in het land waar de afnemende ondernemer is gevestigd. Om te voorkomen dat u btw van het land waar de afnemer is gevestigd in rekening moet brengen en aldaar moet voldoen, is op deze situaties de verleggingsregeling van toepassing.

Door de toepassing van de verleggingsregeling verschuift de verplichting om de btw af te dragen en aan te geven in de aangifte naar uw afnemer. Hiermee wordt voorkomen dat u zich voor de btw moet registeren in het land van uw afnemer. Andersom geldt dit natuurlijk ook indien u diensten inkoopt van buitenlandse dienstverrichters.

Formele verplichtingen toepassing verleggingsregeling

U bent de leverancier of dienstverrichter

Indien één van de bovenstaande situaties van toepassing is op de prestaties die u verricht, bent u verplicht de btw te verleggen naar uw afnemer. Er zijn een aantal verplichtingen waar u als ondernemer bij de toepassing van de verleggingsregeling aan moet voldoen.

  1.  Factuurvereisten
    U mag géén btw in rekening brengen op uw factuur. Op de factuur geeft u aan dat de verleggingsregeling van toepassing is door de passage “btw verlegd” of “VAT reverse-charged” te vermelden op de factuur. Daarnaast vermeldt u het btw-identificatienummer van de afnemer op de factuur.

  2. Btw-aangifte
    In uw btw-aangifte moet u vermelden dat u btw heeft verlegd naar uw afnemer. Afhankelijk van de situatie gebeurt dit in rubriek 1e (binnenlandse situaties) of rubriek 3b (diensten aan EU-ondernemers). 

  3. Opgaaf Intracommunautaire Prestaties (ICP)
    Indien u diensten heeft verricht aan afnemers in een ander EU-land, bent u verplicht om deze diensten op te nemen in rubriek 3a van uw Opgaaf ICP. U geeft deze diensten aan in uw Opgaaf ICP in het tijdvak waarin u deze heeft verricht. 

  4. Overige specifieke verplichtingen
    Om vast te stellen dat u terecht de btw heeft verlegd naar uw afnemer, is het belangrijk om het btw-identificatienummer van uw afnemer te controleren. Dit kunt u eenvoudig doen door middel van een VIES-check op de website van de Europese Commissie.

U bent de afnemer

Indien de btw naar u is verlegd kunt u dit zien aan de vermelding van “btw verlegd” of “VAT reverse-charged” op de factuur. Tevens is er geen btw aan u in rekening gebracht.

  1. Controleer uw factuur
    Het kan in de praktijk voorkomen dat de btw onterecht wordt verlegd, of dat deze onterecht niet wordt verlegd. Dit heeft tot gevolg dat u de btw niet in aftrek mag brengen. Het is daarom van belang om de door u ontvangen facturen te controleren. Ontdekt u een fout in de factuur? Verzoek de leverancier dan zo spoedig mogelijk om een nieuwe factuur, zodat u de factuur correct in uw btw-aangifte kunt verwerken.

  2. Btw-aangifte
    Door de toepassing van de verleggingsregeling bent u verplicht de btw aan te geven en af te dragen in uw eigen btw-aangifte. Indien de btw door een Nederlandse ondernemer naar u is verlegd, geeft u dit aan in rubriek 2a van uw btw-aangifte. Indien u diensten heeft ingekocht uit een niet EU-land, moet u deze aangeven in uw aangifte in rubriek 4a. Wij merken hierbij op dat op de factuur geen btw vermeld wordt, maar tevens geen expliciete vermelding van de verlegging bevat. Wordt de btw naar u verlegd door een leverancier uit een ander EU-land, dan geeft u dit aan in rubriek 4b van uw btw-aangifte.
    Naast dat u deze verlegde btw aan moet geven in uw eigen aangifte, mag u deze btw ook in aftrek brengen in rubriek 5b “voorbelasting”. U mag dit doen indien en voor zover u recht heeft op aftrek van voorbelasting.

Tot slot

Toepassing van de verleggingsregeling is niet optioneel. Indien één van de boven-staande situaties op u van toepassing is, bent u verplicht om de btw te verleggen, of wordt de btw verplicht naar u verlegd.

Heeft u een factuur ontvangen waarin de verleggingsregeling onjuist is toegepast? Of twijfelt u of u de verleggingsregeling moet toepassen of dat de btw terecht naar u is verlegd? Neem dan gerust contact op met een van onze btw-specialisten. Onze btw-specialisten helpen u graag.

< Terug naar overzicht



Martin

Martin Kuijpers

Stel uw vraag U ontvangt binnen 24u antwoord